DRPP
Klein maar zonder grenzen
Roland DE ROUCK Advocaat

Advocaat aan de balie te Dendermonde sinds 1982 en bijkomend te Gent sinds 2013. Nederlands, Frans, Duits. (Voor meer uitleg klik op beeld)

naar overzicht

NIEUW ERFRECHT – DEEL 2

Nieuw erfrecht – deel 2

De grote lijnen van de vernieuwingen werden weergegeven in het eerste artikel.

Sommige onderdelen worden hier verder belicht.

Het inbrengen van schenkingen:

Om de nalatenschap samen te stellen worden dus de schenkingen (tijdens het leven van de erflater) gevoegd met de goederen die aanwezig zijn bij het overlijden.

Met de oude wet, werd de waarde ervan bepaald op het ogenblik van het overlijden in de toestand op het moment van de schenking.

Gelet op de enorme stijging van de waarde van de onroerende goederen, kon dit dus zeer grote gevolgen hebben. Ook grote onrechtvaardige gevolgen.

Werd aan een kind in het verleden een grond geschonken van € 50.000,00 en aan het andere kind  € 50.000,00 gegeven om er een grond mee te kopen, dan moest de eerste bij de verdeling veel meer “teruggeven”. Dit leidde tot onbillijke toestanden.

Ook voor aandelen had die redenering een grote impact. Werden de aandelen van een bedrijf in het jaar X geschonken aan 1 van de kinderen, die het bedrijf door zijn inzet doet bloeien, dan werd de hierdoor ontstane meerwaarde ook aangerekend als geschonken. De anderen konden dus op die wijze van de die inspanningen “genieten”.

Met de nieuwe wet wordt hieraan verholpen. Enkel de waarde op het ogenblik van de schenking , verhoogd met de indexaanpassing tot de datum van het overlijden, wordt ingebracht.

Dit geldt niet voor schenkingen met voorbehoud van vruchtgebruik. Dan geldt wel de waarde op het ogenblik van het overlijden.

Toepassing van artikel 918 B.W. en het familiaal pact:

Verkoop met voorbehoud van vruchtgebruik ( of onder lijfrente, of afstand van kapitaal) wordt dus aanzien als schenking, tenzij alle andere erfgenamen in de akte hun akkoord ermee betuigen.

Vaak werd dit akkoord met zachte dwang afgedwongen of niet geweigerd uit vrees hierdoor gemis aan respect te tonen.

Dit was dan definitief en kon niet meer herzien worden.

Nu wordt dit aanzien als een erfovereenkomst of familiaal pact, wat dus nu met de nieuwe wet mogelijk is en ook aangemoedigd wordt.

Een erfovereenkomst kan ook een globale regeling bevatten voor de verdeling van de nalatenschap met de kinderen en zelfs met de klein- en /of stiefkinderen.

Dit moet dan wel allemaal gebeuren bij notariële akte en er moet vooreerst een ontwerp opgemaakt worden, welke tijdig moet overgemaakt worden aan alle betrokkenen ( toekomstige erfgenamen)  met het voorzien van een wachttermijn.

Akten ondertekenen waarvan de draagwijdte maar beseft wordt na het overlijden van de ouders, zal zich hierdoor minder kunnen voordoen.

Eens opgemaakt wordt dit dan ingeschreven in het centrale register voor testamenten.

Wie in zo’n overeenkomst zou hebben verzaakt aan bepaalde rechten (zoals het recht op inbreng of recht op inkorting) heeft bovendien de mogelijkheid om dit wel te herroepen wegens een onheus gedrag van de begunstigde van verzaking.

Dit lijkt minder ver te gaan dan de onterving via “onwaardigheid” (een juridisch begrip met vrij zware invulling).

Ook is het mogelijk om regelingen te treffen over de waarde van het onroerend goed bij de schenkingen.

Bij een schenking aan 1 kind kunnen dus de andere kinderen betrokken worden over de waarde ervan (zodat later er geen enkele discussie zou kunnen ontstaan en het dus deze waarde zal zijn die geïndexeerd zal worden).

Overgangsperiode:

Opgelet, er is een overgangsperiode.

De nieuwe regels gelden normaal voor alle nalatenschappen die openvallen vanaf 1 september 2018, dus overlijdens na die datum.

Ten aanzien van de langstlevende echtgenoten als erfgenaam zijn er wel wat uitzonderingen doch de veranderingen treden normaal vanaf die datum in werking, tenzij men binnen een termijn van 1 jaar na de publicatie van de wet een uitdrukkelijke verklaring maakt voor de notaris dat men de oude regels voor de wijze van inbreng wenst te behouden.

Voor wie schenkingen gedaan heeft in het verleden, houdt dit een aansporing in, om zich hierover te bezinnen.

RDR 27/03/2018