DRPP
Klein maar zonder grenzen
Roland DE ROUCK Advocaat

Advocaat aan de balie te Dendermonde sinds 1982 en bijkomend te Gent sinds 2013. Nederlands, Frans, Duits. (Voor meer uitleg klik op beeld)

naar overzicht

BUREN

De muur die hen scheidt en hun beplantingen

1.Onze open ruimte wordt steeds kleiner, we wonen steeds dichter bij elkaar, steeds meer in appartementen, elke centimeter begint langzaam steeds meer te tellen.

Een nieuwe buur die naast u bouwt, zal door omheiningen (die nu wel stilaan esthetischer worden) zijn privacy willen afschermen.

Hij zal dan op zijn eigendom (dus niet op de grenslijn) een eigen afsluiting plaatsen om zo zelf de type van afsluiting te kunnen kiezen (onverkort mogelijke regels bij een verkavelingsvergunning of een omgevingsvergunning, zo niet moet in de regel de muur 2m60 hoog zijn en in steden met meer dan 50.000 inwoners zelfs 3m20[1]).

2. Normaal zal die nieuwe nabuur u contacteren en met u samenspraak hebben.

Indien hij dit niet doet en dus de afscheiding als gemeen (of “mandelig”) wenst te gebruiken, dan kunt u hem verzoeken te stoppen en desnoods zelfs zijn werken doen stilleggen via procedure in kort geding[2].

Weliswaar belet dit niet dat U uw gebuur kan vragen dat uw bestaande afscheiding op de grenslijn gemeen gemaakt wordt (wel moet hij dan de helft van de waarde ervan en van de grond betalen).

Wanneer er een zeer smalle strook tussen de perceelgrens zou staan en deze afsluiting, en U wenst deze gemeen te maken zou uw gebuur zelfs gedwongen kunnen worden om dit stuk grond ook mee te verkopen[3].

Indien omgekeerd uw buur constructies aanbrengt aan uw muur of gebruik maakt van de fundering van de bestaande muur, kan dit leiden tot gedwongen koop ( door uw buur ).

Hiervoor volstaat echter niet bij het bijvoorbeeld aanbrengen van isolatiemateriaal of het aanbrengen van slabben of dekstenen om vocht insijpeling te verhinderen.

3. Bij het kopen van een appartement in een stad zou de koper kunnen geconfronteerd worden met een clausule van voorbehoud van muurgemeenheid.

Dit verschaft dan de mogelijkheid aan de bouwpromotor om bij het optrekken van een aanpalend gebouw deze gebuur te doen betalen.

Normaal moet dat verrekend worden bij de aankoopprijs doch dit is wel na te gaan.

4. Ook beplantingen kunnen een bron zijn van grote irritatie.

Vandaar dat voor hoogstammige bomen[4] of bomen die uit hun natuur als hoogstammig worden beschouwd er een minimale afstand tot de grens vereist is van 2 m, en voor de laagstammige 50cm.

Bomen die als leibomen (dus geleid in één richting) mogen wel dichter aangebracht worden en gelden als uitzondering.

Wortels van bomen van geburen kunt u (na uw gebuur schriftelijk verwittigd te hebben en 60 dagen te wachten) zelf uithakken.

Dit kunt u nu niet doen met overhangende takken[5] maar u kunt steeds verzoeken dat deze gesnoeid worden[6].

Een recht nopens de afstand van beplantingen kunt u maar doen gelden gedurende een periode van 30 jaar en nadien is er verjaring.

Als een vonnis is tussengekomen waarbij uw gebuur een boom moet rooien (voor de hinder die hij ermee veroorzaakt of het niet respecteren van de afstand) moet in de regel de administratieve overheid deze beslissing ook respecteren. Eén en ander loopt evenwel zeker nog niet gestroomlijnd, zodat de praktijk met een moeilijke buur nog steeds problemen kan inhouden.

Revisie tot 08/09/2018

[1] Art. 663 B.W.

[2] T.B.O. 2018, Johan Van De Voorde, De gemene muur en de afstand van beplanting en afsluiting tot de grenslijn, pg. 169 met verwijzingen

[3] Cass. 16/11/1961, Arresten Cass. 1962, 1332

[4] Geen duidelijke definitie maar volgens sommigen moeten deze minstens 4m hoog zijn en een omtrek van minsten 40cm hebben

[5] Mogelijks wel op basis van de wet in de toekomst

[6] Art. 37 Veldwetboek