DRPP
Klein maar zonder grenzen
Bart DANEELS Advocaat

Advocaat aan de Balie te Dendermonde van 2008-2015. Vanaf 2015 balie Gent. Nederlands, Engels, Frans. (voor meer uitleg klik op beeld)

naar overzicht

VERZWARING VERKEERSWETGEVING

Het alcoholslot en de bijzondere herhaling van artikel 38 §6 Wegverkeerswet

Met de invoering van de wet van 6 maart 2018 is duidelijk gekozen voor een (nog) strengere aanpak van de verkeersovertredingen in België.

In huidig artikel worden 2 specifieke zaken uitgelicht.

Enerzijds de invoering van het alcoholslot, en de drie verschillende gevallen.

Anderzijds artikel 38 § 6 van de Wegverkeerswet (die de strafmaat bepaalt bij herhaling, met name wanneer binnen de drie jaar te rekenen vanaf de dag van de uitspraak van een vorig veroordelend vonnis, opnieuw een zware overtreding zoals opgesomd in dit artikel wordt begaan).

Invoering van het alcoholslot 

Facultatief

De rechter heeft in bepaalde gevallen (nog steeds) de mogelijkheid om facultatief (niet-verplicht) een alcoholslot op te leggen, en de geldigheid van het rijbewijs van de overtreder te beperken tot voertuigen die zijn uitgerust met een alcoholslot.

Principieel verplicht

De rechter moet het alcoholslot echter principieel verplicht opleggen, wanneer de gemeten graad van alcoholconcentratie een bepaald niveau bereikt, meer bepaald 1,8 pro mille (g/l bloed).

De wet laat een heel klein achterpoortje. Uitsluitend mits uitdrukkelijke motivering door de Politierechter zou van dit principieel verplicht alcoholslot kunnen worden afgeweken, doch dit zal doorgaans in de praktijk niet of nauwelijks geschieden.. (bvb. wel wanneer de overtreding begaan werd per fiets).

Absoluut verplicht

Absoluut verplicht dient de Politierechter een alcoholslot op te leggen bij overtreders die in staat van herhaling zijn (recidivisten), en waarbij een alcoholconcentratie van 1,2 pro mille (g/l bloed) wordt gemeten.

Belangrijk om weten is dat hiervoor dan ook bij het eerste veroordelende vonnis de voornoemde drempelwaarde dient te zijn overschreden.

Artikel 38 § 6 Wegverkeerswet

Een voor de praktijk meest ingrijpende wijziging van de wet betreft de invoering van artikel 38 § 6.

Dit herhalingsmechanisme voorziet in een korf van zware overtredingen (meest voorkomend: intoxicatie, dronkenschap) waarbij herhaling binnen de drie jaar leidt tot een minimumrijverbod. Dit minimumrijverbod (3, 6 of 9 maanden) is dan afhankelijk van het voorgaande aantal veroordelingen. Bovendien worden desgevallend de vier herstelmaatregelen opgelegd (praktisch en theoretisch examen, en medische en psychologische proef).

Al snel is omtrent de toepassing van het herhalingsmechanisme onduidelijkheid gerezen.

Immers was niet geheel duidelijk of nu het nieuwe aantal overtredingen in aanmerking genomen diende te worden (laatste feiten : intoxicatie + dronkenschap = 2 overtredingen), om de recidive te bepalen, of enkel gekeken diende te worden naar het aantal definitieve aantal voorgaande veroordelingen.

Middels een wetsontwerp (Parl. St. Kamer 2017-2018, nr. 2868/1, p.25) werd hier recent uitsluitsel over gegeven. Het is wel degelijk het aantal definitieve opgelopen veroordelingen die de graad van recidive gaat bepalen.

Een voorbeeld : U heeft in februari 2016 een definitieve veroordeling opgelopen voor geintoxiceerd sturen. In maart 2018 pleegt u wederom een nieuw feit, terug intoxicatie en tevens dronkenschap. Gelet op het 1e definitief veroordelende vonnis, zal het minimumrijverbod voor de tweede feiten (intoxicatie en dronkenschap) minimum 3 maanden betreffen.

Voorbeeld 2 : U heeft zowel in februari 2016 als april 2017, twee eerdere definitieve veroordelingen opgelopen telkens voor geintoxiceerd sturen. In augustus 2018 loopt u wederom tegen de lamp (enkel) wegens intoxicatie. Gelet op de 2 gerechtelijke antecedenten inzake intoxicatie zal het minimumrijverbod hier dan 6 maanden bedragen.

Voorbeeld 3: Idem als voorbeeld 2, maar U heeft hoger beroep ingesteld tegen de eerste 2 veroordelingen, en de zaak is nog niet behandeld in graad van beroep. Nieuwe feiten worden intussen vervolgd voor de rechtbank. Er is nog geen definitieve uitspraak en dus nog geen herhaling. Hoger beroep mag echter niet misbruikt worden.

Belangrijke aanpassing van de wet is dat vroeger wanneer een alcoholslot werd opgelegd dit mechanisme van de bijzondere herhaling kwam te vervallen, terwijl dit nu niet langer het geval is en de rechter dus perfect deze strengere straf kan opleggen, wanneer hij ook toepassing maakt van het alcoholslot (cumul).

Eén zaak is duidelijk : De wetgever heeft gekozen voor een nog strengere aanpak om het aantal verkeersovertredingen terug te schroeven. Deze sancties hebben dan ook een zeer grote maatschappelijke weerslag (immobiliteit vrije tijd, werkomstandigheden, vervoer kinderen,…).

Het dient echter wel gezegd dat deze bijkomende regels voor complexiteit hebben gezorgd, waardoor er correcties doorgevoerd dienden te worden (zie supra - wetsontwerp). Wetgevend staat nu echter alles terug op punt, doch het blijft steeds belangrijk om te waken over de juiste toepassing van deze wettelijke bepalingen!

Vaak worden er in de praktijk (ook door het vervolgingsbeleid, parket/openbaar ministerie) nog fouten gemaakt in de toepassing van deze verplicht op te leggen verstrengde sancties, en meer bepaald tegen het complexe artikel 38 §6 van de Wegverkeerswet worden er fouten gemaakt, lees soms te strenge straffen gevorderd, die niet wettelijk zijn.

Het komt er dus op aan de feitelijke omstandigheden steeds zeer goed na te gaan, in functie van de tenlastelegging waarmee u kan worden geconfronteerd. 3, 6 of 9 maanden minimumrijverbod maakt in vele gevallen een wereld van verschil.

Wij bij DRPP staan mensen graag bij om hun individueel geval te ontleden, te waken over een correcte toepassing van de Strafwet, en dit in functie van het bekomen van een goed maar rechtvaardig resultaat.


BD 

(revisie op 08/11/2018)